Kom in de kring -Jeugdwerk- Verhaal kinderen

Hallo allemaal,

 

Voor de eerstvolgende keer Kom in de Kring, datum zie bij kopje ``Diensten``.

???? om 09.30 uur in `t Anker is de eerstvolgende keer.

en daarna:

????.

 

Groeten, ``Kom in de kring``- leiding.

---------------------------------------------------------------------------------------------------------

 Verhaal  voor de kinderen    (om zelf te lezen of voor te lezen.) 

Bevrijdingsdag en vrede….! Nu al 75 jaar. Voor onze kinderen die in vrede geboren zijn en nu in vrede opgroeien, is dit, in zijn vanzelfsprekendheid, een leeg begrip. Toch mogen we op 5 mei van elk jaar de vlag uitsteken. Dit boekje wil de kinderen enige inhoud geven aan de begrippen oorlog en bevrijding. Het verhaal speelt zich af in het heden (voor ons in een verleden waarin een politie – agent nog op straat het verkeer regelde) zo dat de laatste oorlog voor hen niet vervaagt in de nevelen van de vaderlandse geschiedenis. Het zal echt vertellen van bezetting en bevrijding. 
 
Dit gedeelte en het verhaalfragment komen uit een boekje, geschreven door W.G. van der Hulst, getiteld:   
 
Waarom de tram stilstond……. 
 
Ze zaten samen in de tram – een vader en twee meisjes. Guusje, acht jaar en Nicolien tien. Het was laat, al bijna acht uur in de avond, maar nog niet donker. Het was in de lente. Guusje en Nicolien waren bij mama geweest. Ze lag in het ziekenhuis omdat ze een baby had gekregen, een broertje voor Guusje en Nicolien. Volgende week zou moeder weer thuiskomen en dan zou ze het kleine broertje meebrengen. 
 
Nu gingen ze met de tram terug naar huis. 
 
Kijk nou! De tram ging langzamer rijden. Oei, de tram stond helemaal stil…. Naast de tram rijdt een jongen op de fiets. Hij rijdt heel hard. Hij lachte tegen Guusje en Nicolien en toen…., zo’n waaghals, toen liet hij heel even zijn stuur los en maakte een lange neus naar Guusje. Toen was hij voorbij. Ze keken hem na en schrokken! Een politie - agent stapte van het trottoir op de straat en hij hield zijn hand voor de jongen in de hoogte. HALT! Afstappen! De jongen remde en sprong naast zijn fiets, en, zo vreemd, toen wees de agent alleen maar op de grote elektrische klok bij het kruispunt. De wijzer van de klok stonden op ACHT uur, precies. Guusje en Nicolien merkten, dat er iets vreemds was om hen heen. Ze begrepen niet meteen wat dat vreemde kon zijn, maar toen zagen zij het. De tram was niet eens bij een halteplaats en toch stond hij stil. Waarom? De politie - agent ging niet terug naar het trottoir. Midden op de weg stond hij in de houding. Hij hield de vingers van zijn ene hand stijf tegen de klep van zijn pet. Hij salueerde. Waarom? De jongen stond naast zijn fiets, ook heel stil. Alle auto’s en brommers op het plein 
 
11 
stonden stil en alle mensen op het trottoir ook. Waarom? Guusje en Nicolien schrokken. Ze wilden netjes naast hun vader gaan zitten. Maar vader was opgestaan en alle mensen in de tram stonden ook. Niemand praatte. Het was opeens heel stil in de tram. WAAROM….? Guusje trok zacht aan vaders mouw. Haar vader voelde het wel. Hij keek naar beneden in haar vragende ogen. Hij had zijn hoed afgezet. Hij zei niets. Hij legde alleen maar zijn wijsvinger op zijn mond. Dat betekende: ‘Stil Guus, straks zal ik je wel vertellen waarom. Nu alleen maar stil staan.’ 
 
Alle mensen gingen weer zitten. Vader ook. En de mevrouw tegenover hen ook. Ze haalde een zakdoekje uit haar tas en daarmee veegde ze een traan weg. Ze glimlachte tegen Guusje. Guusje voelde zich opeens erg verlegen en daarom keek ze maar naar het glimmende slotje van de tas van de mevrouw. Toen merkte ze dat de tram weer ging rijden. Ze zag dat de politie - agent weer op het trottoir stond. Alle mensen liepen weer en alle auto’s en brommers reden weer. De jongen met zijn mooie fiets zag ze nergens. De elektrische klok bij het kruispunt stond op twee minuten over acht. Ze durfde niet meer op haar knieën voor het raam te klimmen. Stijf kroop ze tegen vader aan, net zoals Nicolien aan de andere kant. De oude mevrouw had haar zakdoekje weer opgeborgen en ze zette haar tas naast zich op de bank. De tram stopte bij een halte. De mevrouw stond op om uit te stappen. Toen zei ze opeens tegen vader: ‘ik had ook twee meisjes.’ 
 
Nicolien ging praten: ‘Ja, pap, meneer Karsten heeft het op school verteld. Je moet twee minuten stil zijn, omdat het oorlog is geweest en omdat er toen een heleboel mensen zijn doodgegaan, dat is heel erg hè en daarom is het morgen feest. Dan is het 5 mei en gaan we naar het kinderfeest omdat de oorlog is gestopt en omdat de soldaten niet meer vochten en omdat het toen vrede is geworden.’ 
 
Guusje luisterde met grote ogen. Oorlog…? Wat was dat eigenlijk?  Ja, dan gingen soldaten vechten en schieten, ze begreep wel dat oorlog heel iets ergs was. Ze dacht weer aan die oude mevrouw die tegen papa zei dat ze ook twee meisjes had.  Guusje schrok. Zou ze die niet meer hebben? Zouden die meisjes……dood…..in de oorlog? 
 
Dieta Stokroos.

Agenda

Geen evenementen

Dagelijkse bijbeltekst