Nieuws uit de classis

KERST 2021
 
‘Gelukkig is zij die geloofd heeft dat de woorden van de Heer in vervulling zullen gaan’.
 
Lucas 1: 45
 
‘Wij moeten niet meedoen aan de eindeloze en niet altijd vruchtbare discussie in onze
samenleving over een coronapas, over 2G en dergelijke; het is aan ons om te spreken
over hoop en liefde, over Hij die ons leven draagt en openbreekt wat dreigt vast te lopen
met Zijn liefde’. Een verzuchting van een collega bij een werkgemeenschap, waar we
spraken over voors en tegens, over wat wel en wat niet te doen. Het is wat in de
ontmoeting van Elisabeth en Maria manifest wordt. Twee vrouwen, beiden in een
onmogelijke positie, want de een is te oud zwanger en de ander te jong; twee vrouwen
die elkaar verstaan en nabij blijven in het wonderlijke dat aan hen gebeurt.
Ook kwam het woord ‘geduld’ bij mij boven, niet alleen maar vanuit het verhaal, ook
vanuit mijn eigen werkelijkheid. Ongeduld zorgt voor chagrijn, voor negativiteit. Geduld
betekent datgene toelaten wat je zelf niet kunt sturen, wat je niet zelf kunt bepalen; en
daarin is het belangrijk om rust te vinden en de tijd nemen.
Het heeft ook te maken met het uithouden van wat niet zou moeten zijn, maar waar je
niet zo veel aan kunt doen. Dat is moeilijk, dat vind ik tenminste wel eens ingewikkeld,
want je wilt iets doen, je wilt iets laten zien. Maar hopen op wat je ziet hoeft niet, het
gaat om hopen op datgene wat je niet en in ieder geval niet meteen kunt zien. Zo is dat
met het nieuwe leven. Bij een zwangerschap weet je dat. Er is veel te controleren
onderweg, er zijn talloze echo’s en controles om het te volgen en tijdig te weten wat het
wordt; tenzij je dat niet wilt, niet wilt weten, geduld betracht. En toch is het ook altijd
weer een wonder dat het allemaal gaat zoals het gaat. Nieuw leven is altijd een grote
ingreep in het dagelijkse leven.
Kerstfeest vieren betekent de verwachting van wat komen kan en het geduld opbrengen
om dat toe te laten en niet zelf gaan sturen. De toekomst, die open is naar wat komen
kan, daar gaat het om bij de viering van de geboorte van Jezus. Een geboorte met grote
gevolgen, zo laat ons het evangelie weten: het kan, omkeren van deze wereld; het kan,
samen optrekken; het kan, opkomen en instaan voor mensen op de vlucht, aan de
grenzen van ons land en in onze directe omgeving; het kan, iedereen een plek geven; en
het kan, vaccinaties eerlijker verdelen over onze wereld. Rust, toelaten van wat kan,
geduld en bovenal geloof en vertrouwen dat de woorden van de Heer in vervulling zullen
gaan, dat hebben we misschien wel meer dan ooit nodig. In hun ontmoeting sprak
Elisabeth de zegen uit bij Maria, omdat zij geloofde, vertrouwen had. Ik wens u allen
gezegende kerstdagen.
 
NIEUWS VANUIT DE CLASSIS
De corona-maatregelen vragen steeds opnieuw om creatief te zijn. Dat kost ons mensen
veel energie, maar er gebeuren ook veel mooie dingen, met verschillende vormen voor
de vieringen en met pastorale contacten. Op de website van onze Protestantse Kerk
staan de adviezen en zijn ze bijgewerkt met de laatste veranderingen. Er is wel wat te
doen over het gebruiken van de Corona-pas en de gevolgen daarvan. Sommige
gemeenten gebruiken deze om toegang tot de vieringen te krijgen. De landelijke kerk
adviseert om dat niet te doen, om te zorgen dat iedereen naar binnen kan met de
maatregelen die worden genomen, zoals het gebruik van een mondkapje en anderhalve
meter. Ten principale is er veel over te zeggen, in dit verband wordt gesproken van
uitsluiting, beperkte toegang tot een eerste levensbehoefte en onze scriba ds. de Reuver
heeft hierover geschreven op de website van de Protestantse kerk. De overweging is en
blijft aan de plaatselijke gemeente, de kerkenraad in het bijzonder, om de adviezen op
hun eigen manier in te vullen.
Het Breed Moderamen van de classis is op een aantal plaatsen in ons gebied in gesprek
met een groep van gemeenten om te spreken over samenwerken of eigenlijk over de
vraag op welke manier gemeenten elkaar van dienst kunnen zijn. Er zijn vragen,
bijvoorbeeld over een manier om bestuurlijke kracht te bundelen. Sommige met name
kleinere gemeenten kunnen geen voltallige kerkenraad vormen of zoeken specifiek naar
deskundigheid. Ambtsdragers van elkaar lenen is een mogelijkheid, samenwerken op
kerkenraads niveau kan ook, kortom, er is veel mogelijk. Belangrijk is een gevoel dat we
samen kerk zijn en dat we het met elkaar moeten oppakken. En dat valt nog niet mee.
De classicale vergadering van het najaar wordt ingehaald in februari met vragen aan de
afgevaardigden die te maken hebben met de zorgen die er zijn. Aan de gemeenten
wordt gevraagd wat ze van ons als Breed Moderamen verwachten. Veel gemeenten
vragen om hulp, maar welke hulp? Dat zijn vragen voor de afgevaardigden, maar ook
voor de kerkenraden.
We zijn ook druk doende een predikant te financieren en te zoeken die ons bij deze
processen behulpzaam kan zijn.
Kijkt u wel eens op onze website? Er staan berichten van onze diaconale consulent
Christiaan Dekker, werkzaam vooral in Oost-Groningen en betrokken bij vragen rondom
armoede. Zaken betreffende het CCBB, het beheer van onze kerkelijke gemeenten,
hebben er een plekje. En daarnaast kunnen gemeenten, ringen, wie dat maar wil ook
gebruik maken van de website om iets onder de aandacht te brengen. Een mail naar de
beheerder van de website of naar de scriba van de classis biedt daartoe mogelijkheden.
 
De vierjaarlijkse bezoeken zijn de afgelopen periode minimaal doorgegaan. Dat zou
kunnen betekenen dat er wat druk op de agenda komt voor komend jaar, we zullen zien.
Mocht u een afspraak willen maken vanwege bijzondere omstandigheden, dan kan dat
natuurlijk altijd. Overdag werkt iets makkelijker dan in de avonduren.
We zoeken naar een mogelijkheid een dagdeel te organiseren voor predikanten die niet
in de gemeente werkzaam zijn. Het valt nog niet mee alle namen en adressen te
achterhalen, maar we doen ons best en de planning is dat op 10 februari in de ochtend
te doen. Datzelfde geldt voor de kerkelijk werkers, die op 2 maart bij elkaar zullen
komen. Mocht iemand zich willen aanmelden, dat kan bij mij.
 
Een hartelijke groet van uw classispredikant,
ds. Jan Hommes
0651999711
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
 
Tientallen vrijwilligers op de been om nieuwe opvang INLIA in te richten
“Meehelpen aan echte oplossingen”
Van diaken tot sportgoeroe, van wethouder tot vicevoorzitter van de Raad van Kerken in
Nederland, van arts tot student: allemaal springen ze bij om INLIA’s nieuwe Gasthuis in
te richten. 270 Gasten komen er straks in de Groninger opvang; dat betekent
evenzoveel bedden, kasten, stoelen en tafels monteren enzovoorts. Plus receptie,
spreekkamers etc. Want er wordt straks natuurlijk met de gasten gewerkt aan een
nieuwe toekomst.
Het zijn te veel vrijwilligers om op te noemen. Een bonte stoet mensen, van jong tot
oud, steekt deze weken de handen uit de mouwen. Iedere dag weer ‘een nieuwe lading’.
Ze komen uit alle hoeken en gaten, constateert INLIA’s bestuursvoorzitter Jan Eggink.
“Het bestuur is daar zeer dankbaar voor.”
In het nieuwe pand vangt INLIA straks maximaal 270 dakloze asielzoekers op en werkt
met hen aan échte oplossingen: bestendige terugkeer naar eigen land, legale vestiging
in een ander land of in Nederland. De opvang wordt sober, maar fris en nieuw. Moet
allemaal wel ingeruimd worden, terwijl de bouw nog gaande is.
“Mooi om mee te maken”
In het eerste weekend staat de vicevoorzitter van de Raad van Kerken in Nederland,
Kees Nieuwerth, dan ook de gangen te bezemen. Hij herinnert zich het allereerste
tentenkamp van INLIA, waar de algemeen secretaris van de RvK destijds, Ineke Bakker,
aandacht vroeg voor dakloze asielzoekers. “Zo begon het. En nu sta ik hier in de
nieuwbouw van het INLIA Gasthuis Groningen. Mooi om mee te maken.”
Groninger gemeenteraadslid Koosje van Doesen (D66) is hier omdat ze probeert dáár te
zijn waar het om gaat in de aandachtsgebieden die zij in de gemeenteraad heeft. ”Want
in het Stadhuis sta je ver af van de werkelijkheid.” En zo staat zij hier te bezemen. En
kijk: vechtsportgoeroe Raoul de Thomis, een absolute ster in de wereld van Pencak Silat.
Waarom doet hij vrijwilligerswerk bij INLIA? “Een goed doel, toch?”, zegt De Thomis
eenvoudig. 
 
“Meehelpen aan
Wethouder Pepijn Vemer van de Drentse gemeente Tynaarlo - die hier op een middag
tafels monteert - vindt het zijn taak als wethouder om hier te zijn. Want waar draait het
nou om in het openbaar bestuur, zegt Vemer: “Dat je helpt oplossingen tot stand te
brengen waar de samenleving beter van wordt.”
Geen woorden maar daden, is Vemers motto. En kennelijk dat van alle vrijwilligers hier;
kerkelijke vrijwilligers, studenten van het Internationale Rode Kruis, mensen van
Stichting Present, senioren van genootschap de Odd Fellows; te veel om op te noemen.
Ze krijgen eerst een rondleiding met uitleg voor wie deze opvang is bedoeld en hoe hier
met de gasten gewerkt wordt. “Echt heel fijn, zo weet je waarvoor je het doet”,
reageert een van hen, die later INLIA-directeur John van Tilborg nog bedankt voor de
fijne dag.
“Gedragen door de gemeenschap”
Van Tilborg is geroerd door alle warme reacties en door de enorme opkomst. Wat hem
het meest raakt: “Dat we gedragen worden door de gemeenschap. Iedere dag weer
staat hier een grote ploeg mensen klaar. Van alle leeftijden, uit alle lagen van de
samenleving. Dat stimuleert ongelooflijk.”
 
“De sleutel is: we zijn er voor elkaar”
De een neemt met pijn in het hart afscheid, de ander is nog maar net begonnen:
maatschappelijk werkers Biella en Dewi van INLIA. Een gesprek over mooie en heftige
kanten van de opvang, over de menselijke maat en doen wat werkt.
Na de eerste week schrijft Dewi op: Het is ongelooflijk om mee te maken dat gasten mij
eten aanbieden, een glimlach geven, hun verhaal met me delen. En ik hoef er niks voor
te doen. Ze kijkt in hun ogen en ziet de behoefte aan medemenselijkheid, aan
erkenning. “Jij loopt hier als mens rond, niet als functionaris”, zegt Biella, “Dat past bij
de methodiek hier en bij wat werkt.”
Biella werkt ‘al’ sinds 2019 in de opvang voor dakloze asielzoekers in Groningen. Dewi is
net dit najaar begonnen, Biella zwaait af. Ze woont sinds september samen met haar
vriend in Arnhem, vandaar. Ze werkt tot de Kerstvakantie door, om INLIA en de gasten
niet abrupt in de steek te laten. “Je doet iets van belang.”
Dewi herkent het. “Er zijn voor mensen die in een heel andere situatie zitten, geeft jou
ook iets.” Het werk is heel divers. Biella: “Overleg met het medische team, met
perspectiefmedewerkers, juridische zaken - je springt in waar nodig. Om de gast te
helpen en elkaar te dragen.”
De gasten hebben veel meegemaakt en zitten in een moeilijke positie. Sommigen zijn
fysiek ziek, anderen psychisch. In de eerste week schrijft Dewi: Ik kan de pijn, de
onmacht en het verdriet niet wegnemen of oplossen, maar ik kan de gasten wel laten
voelen dat ze niet alleen zijn.
Zoals de man uit Gambia. Geef mij een verblijfsvergunning, zegt hij. In zijn ogen ziet ze
de angst voor uitzetting. Ze moet antwoorden dat ze dat niet kan: een status regelen.
En zelf bedenken wat ze wel kan: hem iedere dag aandacht geven. “Het van je afzetten
is soms ook deel van het werk”, zegt Biella.
Dewi: “Het mág je ook raken, hè? Emoties zijn menselijk. Als er een heftig incident is
geweest met een psychiatrisch patiënt die door het lint gaat, is huilen heel gezond.” Ze
verhaalt over haar eerste incident; een gast die een hartinfarct kreeg. “Daarna belde een
collega; hoe is het met je?” Biella glimlacht: “Dat bedoel ik. De sleutel is: we zijn er voor elkaar.

Agenda

Geen evenementen

Dagelijkse bijbeltekst